Per definitie is het het vermogen van een materiaal om vervorming, indrukking of krassen te weerstaan. Vervorming betekent hier permanente vervorming, ook wel plastische vervorming genoemd. Een materiaal keert bij plastische vervorming niet terug naar zijn oorspronkelijke vorm wanneer er een kracht op wordt uitgeoefend.
Je kunt het ook wel de hardheidswaarde van een materiaal noemen. Het meten van elk type hardheid, zoals kras-, terugslag- en indrukhardheid, vereist bovendien verschillende gereedschappen.
Hardheid is essentieel voor de structuur van een materiaal, omdat het de slijtvastheid, duurzaamheid en prestaties beïnvloedt. Harde materialen omvatten een breed scala aan materialen, zoals diamant, kwarts en beton. Materialen kunnen van nature hard zijn, zoals wolfraam, dat wordt gebruikt in gereedschapsstaal.
Gehard stalen onderdelen in de machinebouw en gereedschapsproductie behouden bijvoorbeeld hun vorm en effectiviteit langer dan zachtere materialen zoals polymeren, colloïden of oppervlakteactieve stoffen.
Of het kunnen zachte metalen zijn. Net als puur goud kun je het gemakkelijk buigen of krassen. De oppervlaktehardheid kan echter worden verbeterd door zilver of koper toe te voegen om een legering te vormen. Het mengen van zachte metalen verhoogt hun hardheid.
Je kunt de hardheid ook verhogen door verhitting, wat werkt met thermohardende kunststoffen. CNC-metaalmaterialen worden gehard. Om de hardheid en slijtvastheid van een materiaal te verbeteren, wordt het metalen onderdeel verhit in processen zoals carboneren, nitreren, carbonitreren en inductieharden.
In het huidige tijdperk bieden moderne digitale netwerken oplossingen voor carboneren die realtime hardheidsgegevens integreren voor een betere procesoptimalisatie.
Hardheid en slijtvastheid zijn cruciale factoren bij de materiaalkeuze voor gereedschap, machineonderdelen en beschermende coatings.